Er zijn veel kinderen en jongeren die negatief over zichzelf denken. Ze kunnen daar behoorlijk last van hebben. Deze kinderen en jongeren vinden zichzelf dom en lelijk in vergelijking met anderen. Ze denken daar veel over na. Ze voelen zich onzeker in de omgang met andere kinderen en zijn bang om vrienden kwijt te raken. Anderen zijn bang voor veranderingen en hebben last van faalangst. Zij stellen hoge eisen aan zichzelf en hun omgeving. Ze willen presteren en zijn bang om de controle los te laten. Deze onzekerheid kan er zijn naar aanleiding van een gebeurtenis, maar kan ook bij het karakter passen. Een kind of jongere met een negatief zelfbeeld is extra gevoelig en kwetsbaar.

In beeldend therapie kan geleerd worden om realistischer en positiever over zichzelf te denken. Er wordt succes opgedaan in het maken van persoonlijke werkstukken. Ook kan er geoefend worden met het loslaten van de controle door te werken met creatieve materialen waar je weinig grip op hebt. Daarnaast kan er gewerkt worden met inzichtgevende oefeningen waardoor het kind of de jongere meer zelfinzicht krijgt. Dit vergroot het contact met eigen gevoelens, gedachten en wensen.

Mogelijke doelen:

  • Verminderen van faalangst
  • Leren spelen en knoeien
  • Omgaan met teleurstelling
  • Ervaren dat dingen je wel lukken
  • Trots leren zijn op jezelf
  • Ontdekken wat jij leuk en belangrijk vindt
  • Leren voor jezelf te zorgen
  • Opkomen voor jezelf
  • Controle verminderen
  • Ontdekken van sterke en zwakke kanten

Marjan (8) is altijd stil aanwezig. Soms moeten ze op school in de klas iets samendoen. Pas moesten ze samen een huis maken. Marjan heeft allerlei ideeën. Maar ze durft deze niet goed naar voren te brengen. Marjan is bang dat de andere kinderen haar idee dom vinden. Marjan gaat in beeldende therapie werken met beeldend materialen en oefeningen die ze goed kan. Ze leert dat het niet eng is om iets van jezelf te laten zien en ziet dat ze heel persoonlijke en mooie werkstukken kan maken.

Renate (13) zit in de brugklas. Ze is onzeker over haar lichaam. Ze vindt zichzelf te dik, haar kleren stom en haar ideeën raar. In beeldend therapie ontdekt Renate haar positieve kanten. Ze ziet in waar ze goed in is en wat ze moeilijker vindt. Ook maakt ze schilderijen waarin ze laat zien hoe ze zichzelf ziet en ervaart. Ze laat zien wat ze zelf wil en belangrijk vindt in het leven. Renate leert om stevig te staan en voelt zich in contact met vrienden zekerder van zichzelf.